Gebruikte programmatuur

Inleiding

HAMMOCK bestaat uit twee softwarecomponenten, de frontend en backend. De frontend is het gedeelte dat bij de gebruiker lokaal draait als plugin in Microsoft Outlook. De backend verzorgt de verwerking van de data en draait binnen een Microsoft Azure omgeving.

Frontend

De frontend is geschreven in het door Microsoft ontwikkelde TypeScript. Dit is een dialect van JavaScript dat static typing mogelijk maakt. Voor de componenten wordt er gebruikt gemaakt van het React.js framework. Voor de styling en gebruikersinterface is Office UI Fabric geïmplementeerd. Dit is de designtaal van Microsoft, zodat de "look-and-feel" van Microsoft Office ook in HAMMOCK terugkomt. Het dependency management wordt gedaan met behulp van NPM.

Backend

De backend is geschreven in Java op het Spring Boot framework. Dit is een light-weight framework waarin met behulp van JSON endpoints de functionaliteit van HAMMOCK wordt ontsloten. De database is in PostgresSQL. Iedere klant van HAMMOCK krijgt een eigen instantie van de backend en de database. Het dependency management wordt gedaan met behulp van Maven.